Image1 6

Wortelvlieg (Psila rosae) - Professioneel

De larven van de wortelvlieg (Diptera, Psilidae) kunnen ernstige schade aan de wortels van schermbloemige gewassen veroorzaken. Bij wortelteelt voor industrie of grootdistributie worden vanaf 3% aangetaste wortelen hoge sorteerkosten aangerekend voor de producent en vanaf 15% kan de hele oogst van een perceel worden afgekeurd. 

Context - Beschrijving

De adult (4-6 mm) heeft een zwart lichaam, een roodbruine kop, lichtgele transparante poten en transparante vleugels die langer zijn dan het achterlijf. De larve is in volgroeid stadium 8 tot 10 mm groot en witachtig geel. De pop is 5 mm groot en geelbruin van kleur.

Figuur 1 : Wortelvlieg

Image1 6

Figuur 2 : Larve van een wortelvlieg in een wortel

Image4 2

Figuur 3 : Pop van een wortelvlieg bij een wortel in de grond

Image2 2

Biologie - Levencyclus

Voor een doeltreffende beheersing van deze plaag is het van essentieel belang inzicht te hebben in de biologie en de ontwikkelingscyclus. Na de overwintering als pop komen de volwassenen gespreid uit, van eind april tot juli, afhankelijk van de weersomstandigheden (vooral de temperatuur). De volwassen vliegen voeden zich met stuifmeel, nectar of honingdauw die ze vinden in natuurlijke vegetaties of akkerranden. Het vrouwtje vliegt op ongeveer 80 cm hoogte op zoek naar een waardplant, in de late namiddag rond 16 uur, met de grootste activiteit tussen één en zes uur voor zonsondergang. Ze wordt aangetrokken door de kleur van het gebladerte en door vluchtige stoffen van de waardplanten. Ze legt maximaal 120 eieren in drie partijen in bodemholtes bij de waardplant. De larven komen na ongeveer tien dagen uit en voeden zich in eerste instantie met de haarwortels. Na ongeveer 8 dagen (tweede larvestadium) vallen ze de hoofdwortel aan. In onze regio worden drie vluchten wortelvliegen waargenomen met pieken in juni, augustus en september-oktober. De schade kan optreden tot november.

Enkele temperatuur drempelwaarden :

  • Geen vliegactiviteit bij temperaturen onder 7° C en boven 25°C
  • Hoge eisterfte boven 25 °C
  • Optimale temperatuur voor ontwikkeling van de larven = 18 à 22 °C
  • Inductie van estivatie (zomerrust) van de poppen boven 22 °C in de bodem
  • Inductie van diapauze van de poppen onder 10-13 °C
     

Figuur 4 : Levencyclus van de wortelvlieg (Bron : ACTA)

Image5 2

Figuur 5 : De perioden waarin de verschillende levensstadia van de wortelvlieg aanwezig zijn

Image6 nl 3

Schade - Waardplanten

Figuur 6 : Schade door wortelvlieg larven (Bron: CTIFL)

Image7 6

Alle schermbloemigen zijn waardplanten voor de wortelvlieg. Als teelten zijn wortelen, pastinaak en knolselder het meest gevoelig voor schade. Ook peterselie, bladselderij en venkel kunnen worden aangetast. Hoe groter de aanwezigheid van waardplanten (gecultiveerd en/of wild), hoe groter het risico op de opbouw van een populatie. De larve voedt zich met de wortels en vreet gangen in de hoofdwortel. Bij jonge planten kan de vraat leiden tot uitval of tot vervorming van de hoofdwortel. Bij oudere planten kan een aantasting de groei vertragen, rot veroorzaken en een bittere smaak aan de wortelen geven. Bij een zware aantasting verkleuren ook de bladeren rood/geel.

Bewezen zero-fyto methoden

Momenteel is het afdekken van de teelt met insectengaas of klimaatnet de meest doeltreffende methode, mits dit goed wordt toegepast. Het is hierbij nuttig, zo niet essentieel, om kennis te hebben over de lokale vluchtperioden. Deze kunnen enerzijds voorspeld worden door modellering op basis van de accumulatie van graaddagen. Anderzijds kan je wortelvliegen vangen met gekleurde lijmplaten om de activiteit op je perceel te monitoren. Uit onderzoek is een oranje kleur het meest aantrekkelijk gebleken (type orange Rebell vallen). Met enige ervaring is het mogelijk de wortelvliegen op de vangplaten in het veld te identificeren.

Figuur 7 : Orange Rebell vallen

Image9 1

“In Europa is overeengekomen 5 vallen per perceel te plaatsen in een lijn van 10 tot 12 m, op 5 tot 7 m van de rand. De vallen moeten 5 à 10 cm boven het wortelloof worden gehouden. Om het tellen van het aantal wortelvlieg makkelijker te maken, kan een transparante plaatje voor de kleurplaat worden vastgemaakt en telkens worden vervangen.” (Villeneuve, 2012, CTIFL)
 

Waarschuwings- en adviesdiensten:

➢ Regio Wallonië: CPL Vegemar, CARAH  

➢ Regio Vlaanderen: INAGRO

➢ Hauts-de-France : Bulletin de Santé du Végétal (FREDON)
 

Image10 nl

Onderzoek uitgevoerd in het kader van Zero-Ph(F)yto F&L(G)

Verschillende projectpartners (INAGRO, Bio Haut-de-France, CRA-W) hebben samengewerkt om na te gaan of etherische olie van knoflook kan gebruikt worden als olfactorische barrière tegen de wortelvlieg. In 2021 legden het CRA-W en Inagro een proef aan in respectievelijk wortelen en knolselder waarbij we verstuivers met knoflookolie aan de rand van het veld plaatsten. De verstuivers bestonden uit rubberen capsules, geïmpregneerd met 0,1 of 0,2 ml etherische olie van knoflook die in een open of geperforeerde behuizing van plastiek of hout geplaatst werden. Eén verstuiver bevat 6 ml etherische knoflookolie.
 

Op het CRA-W in Gembloux (B) zijn de wortelen gezaaid op 11 juni 2021. Aangezien de eerste vlucht vóór het zaaien plaatsvond, werden de verstuivers op 17 augustus geplaatst en op 9 september zijn de capsules vernieuwd. Om het effect van de knoflookolie te evalueren, zijn op drie proefplots van 2 are verstuivers geplaatst. Negen andere proefvelden bevonden zich op verschillende afstanden van de verstuivers, waarbij de verste percelen (op ongeveer 100 m) als controle dienden. In elk plot werd de schade aan de wortels door de wortelvlieg gemeten en geëvalueerd in relatie tot de afstand van de verstuivers (3 monsters per plot).
 

Op Inagro testten we de verstuivers in knolselder. In deze teelt kan een aantasting aan de wortels door de eerste generatie maden leiden tot groeiachterstand en plantuitval. Hier zijn vier verstuivers aan de rand van een proefveld van 2400 m² geplaatst op een onderlinge afstand van 12 m. De verstuivers zijn drie dagen voor het planten van de knolselder op 2 juni 2021 geplaatst en de capsules zijn twee keer vervangen, na de 1ste vlucht van de wortelvlieg in juli en na de 2e vlucht in september. De schade door de wortelvlieg is beoordeeld op verschillende tijdstippen en op verschillende plaatsen in het veld, tot 36 m afstand van de rand waar de verstuivers stonden.

Figuur 9 : Capsules van natuurlijk rubber geïmpregneerd met essentiële olie van knoflook in een verstuiver zoals getest door het CRA-W

Image11 2

Figuur 10 : Oogstmonsters genomen in knolselder dichtbij de knoflook verstuivers (gemarkeerd met vlaggen) aan de rand van het perceel (Inagro, 8 november 2021)

Image12 2

Op het CRA-W kon geen gradiënt in de schade aan de wortelen worden vastgesteld in functie van de afstand tot de lookdiffusors. De druk van de wortelvlieg was er ook zeer laag. Op Inagro zijn meer wortelvliegen gevangen en waren de knollen bij oogst op 8 november algemeen matig aangetast. De schade was het hoogst op 18 m en 36 m van de geurbronnen maar niet significant verschillend dan de schade gemeten dichtbij de geurbronnen. Niettemin vonden we wel minder aantasting op de plaatsen waar het schaderisico net het hoogst was. De schade was het laagst op 10 tot 30 m ten noordoosten van de lookolie. Met een overheersende ZW-wind kunnen we besluiten dat er een tendens is voor een repellerend effect van de lookolie.

In 2022 herhaalt Inagro het experiment op een perceel wortelen. Meer resultaten zijn nodig om te duiden of verstuivers met knoflook op het veld een doeltreffende methode kan zijn om de wortelvlieg te beheersen.

Inagro onderzocht in 2021 en 2022 ook de invloed van verschillende types klimaatnet en insectengaas om wortelen af te dekken tegen de wortelvlieg. Uit eerder onderzoek weten we al welk type netten goed beschermen tegen de vliegen. Maar andere invloeden van afdekking met deze netten op de teelt moeten nog nader worden onderzocht. Er zijn namelijk verschillen in microklimaat die de netten boven het gewas creëren. In de proef zijn twee types klimaatnet, een standaard type en een nieuw type met cooling-down effect, en twee types gebreid insectengaas getest.
 

Image13 nl

De proefresultaten bevestigen dat de vier netten de wortelen voldoende beschermen tegen wortelvlieg. De afdekking met Howicover en Ornata addu zorgde voor significant sterker loof en minder aantasting door Alternaria. Het klimaatnet ‘Howicover LD’ toonde in de natte zomer van 2021 geen voordelen t.o.v. het standaardtype. De opbrengst was veel lager onder dit witte net omdat het te veel zonlicht afschermt met verminderde groei als gevolg.

In 2022 herhaalt Inagro de proef met de ‘Howicover LD’ in een transparante versie. Het onderzoek wordt dus vervolgd.

Image14 nl

Om verder te gaan

Klik hier om dit blad te downloaden Tf wortelvlieg nlTf wortelvlieg nl (2.78 Mo)

Hieronder vindt u de referenties van interessante documenten als u dit thema wilt verdiepen:

Publicaties voor amateurs :

Publicaties voor professionnals : 

Wetenschappelijke artikelen :

Site en mode préproduction